Obligatoire rechten niet vervallen door titelzuiverende werking van ruilverkaveling

V heeft in 2001 een perceel grond overgedragen aan K. In de betreffende leveringsakte is onder meer een vergoedingsregeling inclusief kettingbeding en boeteclausule ten gunste van V opgenomen voor het geval in de toekomst specie wordt gewonnen uit het perceel. Thans stelt V voor de Rechtbank dat K de boete is verschuldigd omdat K het perceel heeft overgedragen aan een derde zonder in de leveringsakte het speciebeding en kettingbeding op te nemen. Als verweer voert K onder meer aan dat het perceel in 2006 is betrokken bij een ruilverkaveling zodat door de titelzuiverende werking het kettingbeding is vervallen. Lees hier het hele voorbeeld.

Share